Herman Wijtten Afscheid
Afscheid Nicolaaskerk, Nieuwegein

Het is allemaal anders verlopen dan ik mij had voorgesteld. Tot begin maart dacht ik nog in elke geloofsgemeenschap nog enkele keren zou  mogen voorgaan. Geleidelijk afscheid nemen zou fijn geweest zijn. Nu voelt het een beetje alsof ik plotseling een “thuis” heb verlaten. Ja, in jullie gemeenschap voel ik mij helemaal thuis. Jullie hebben mij als persoon verrijkt.

 

Afscheid nemen betekent niet dat ik jullie helemaal achterlaat. Van uit jullie gemeenschap neem ik zoveel mooie herinneringen mee: de zondagse vieringen, doopplechtigheden – zowel kinderen als volwassenen-, inzegenen van huwelijken en huwelijksverjaardagen, ziekenzalvingen en de speciale vieringen  op ziekenzondagen. Dan denk aan de bijzondere samenwerking met de koren: het gemengde koor, dameskoor, herenkoor, een aantal jaren nog met het tussenkoor. Een goede keuze van de liederen is een verrijking van de viering. Het samen vieren betekende voor mij de inzet van de kosters, organist en koor, de trouwe aanwezigheid van misdienaars en bovenal de intense betrokkenheid van de gemeenschap. Een persoonlijk woordje bij het verlaten van de kerk of een praatje bij de koffie. Dank aan de dames die elke zondag opnieuw deze ontmoeting mogelijk maakten.

In de loop van de jaren heb ik een goede band mogen onderhouden met het pastoresteam. Toch wil ik hier speciaal de samenwerking met de pastorale werkers en werksters noemen. Het was voor mij bijzonder om met hen samen te mogen vieren, samen met hen inleidingen te houden, en samen met hen bij mens en maatschappij betrokken te zijn. Het was een unieke ervaring dat ik bij mij afscheid op 5 juli de meesten van hen mocht ontmoeten bij een gezellige koffietafel.

Voorafgaand aan de doop waren er intense gesprekken met de ouders van de dopelingen zelf, waardoor de doopplechtigheden persoonlijker werden. Dan is het fijn dat er iemand naast je staat die het hele proces coördineert en begeleid. Datzelfde heb ik mogen ervaren bij de voorbereiding op de EHC: de coördinatie, de voorbereidende catechese, en de participatie van ouders. Bijzonder dierbaar zijn voor mij de stille krachten op de achtergrond, de bezoekersgroep, de vrouwen en mannen die in diaconale taken zich hebben ingezet voor achtergestelde medemensen zoals armen en vluchtelingen. De mensen die wij maar al te gemakkelijk vergeten zijn degenen die voor het onderhoud van de kerk zorgen en zij die ervoor zorgen dat de kerk er altijd puik uitziet. Nu ik dit allemaal opschrijf word ik mij nog meer bewust wat het eigenlijk betekent echt gemeenschap te zijn.

Binnen deze gemeenschap gaat mijn speciale dank naar de leidinggevenden in de gemeenschap, de vrouwen en mannen in de bestuurlijke functies, de stuwende en inspirerende krachten, zij die zich inzetten om de aanwezige vitaliteit tot leven te brengen en vruchtbaar te laten worden. Telkens kon ik erop rekenen dat ik mij in een autoritje kon inleven op de viering met de gemeenschap. Dank aan jullie allemaal. Ik laat jullie niet achter, jullie gaan met mij mee!

Herman Wijtten SVD